Ps 89 'k Zal eeuwig zingen van Gods goedertierenheen

Verzen:


J. Worp, D. Sanderman

J. Worp, D. Sanderman


'k Zal eeuwig zingen van Gods goedertierenheen;
Uw waarheid t' allen tijd, vermelden door mijn reen.
Ik weet, hoe 't vast gebouw van Uwe gunstbewijzen
Naar Uw gemaakt bestek, in eeuwigheid zal rijzen;
Zo min de hemel ooit uit zijnen stand zal wijken,
Zo min zal Uwe trouw ooit wanklen of bezwijken.
"Ik heb", dit was Uw taal, "een vast verbond gemaakt
Met Mijnen gunsteling, dien steeds Mijn oog bewaakt.
Ik heb aan Mijnen knecht, aan Mijnen uitverkoren',
Aan David in Mijn gunst, met enen eed gezworen:
Ik zal van kind tot kind, tot aan het eind der dagen,
Uw zaad bevestigen, en uwen rijkstroon schragen."
De hemel looft, o Heer', Uw wondren dag en nacht,
Uw waarheid wordt op aard' de glorie toegebracht;
Daar Uw geheiligd volk van Uwe trouw mag zingen;
Want wie is U gelijk bij al de hemellingen?
En, welke vorsten ooit het aardrijk moog' bevatten,
Wie hunner is, o Heer', met U gelijk te schatten?
God is op 't hoogst geducht in Zijner heilgen raad'
En vreeslijk boven 't heir, dat om Zijn rijkstroon staat.
Wie is als Gij, o Heer', o God der legerscharen,
Wie is aan U gelijk? Wie kan U evenaren ?
Grootmachtig zijt G' ,o Heer', ja eindloos in vermogen,
Uw onverbreekbre trouw omringt U voor elks ogen.
Gij temt de woeste zee, zij luistert naar Uw wil;
Hoe hoog zij zich verheff', Gij wenkt en zij is stil.
Gans Rahab is door U verbrijzeld, gans verslagen;
Uw vijand is verstrooid, Uw arm heeft roem gedragen.
En aard', en hemel, en wat leeft of ooit zal leven,
Zijn d' Uwe; 't gans heelal hebt Gij 't bestaan gegeven.
Gij schiept het barre noord' en 't zoele zuiden saam;
Ginds juicht een Thabor, hier een Hermon in Uw Naam.
Gij hebt een arm met macht, Uw hand heeft groot vermogen,
Uw Rechterhand is hoog; Uw troon blijft onbewogen,
Van recht en van gericht zijn vasten steun ontlenen;
En waarheid en gena gaan voor Uw aanschijn henen.
Hoe zalig is het volk, dat naar Uw klanken hoort!
Zij wandlen, Heer', in 't licht van 't Goddlijk Aanschijn
voort;
Zij zullen in Uw Naam zich al den dag verblijden;
Uw goedheid straalt hun toe; Uw macht schraagt hen in 't
lijden,
Uw onbezweken trouw zal nooit hun val gedogen,
Maar Uw gerechtigheid hen naar Uw woord verhogen.
Gij toch, Gij zijt hun roem, de kracht van hunne kracht;
Uw vrije gunst alleen wordt d' ere toegebracht;
Wij steken 't hoofd omhoog en zullen d' eerkroon dragen
Door U, door U alleen, om 't eeuwig welbehagen,
Want God is ons ten schild in 't strijdperk van dit leven,
En onze Koning is van Isrels God gegeven.
Gij hebt weleer van hem, dien Gij geheiligd hadt,
Gezegd in een gezicht, dat zoveel troost bevat:
"Ik heb bij enen held voor Isrel hulp beschoren,
Hem uit het volk verhoogd; hem had Ik uitverkoren;
'k Heb David, Mijnen knecht, Mijn gunsteling gevonden
En hem met heilge zalf aan Mij en 't rijk verbonden."
"Mijn hand zal, hoe 't ook ga, hem sterken dag en nacht;
Mijn arm zal hem in nood voorzien van moed en kracht;
De vijand zal hem nooit door wreevle handelingen,
Door list, of hels bedrog in uiterst' engten dringen;
Den booswicht zal 't geweld nooit tegen hem gelukken,
Noch in- noch uitlands vorst zijn zetel onderdrukken."
"Ik zal integendeel, al wie hem wederstaat
Verplettren voor zijn oog, en plagen, wie hem haat.
Mijn trouw zal met hem zijn, Mijn goedheid hem geleiden,
Zijn macht zal in Mijn Naam zich over d' aard' verspreiden;
Zijn hand de grote zee, zijn schepter de rivieren,
Door Mijn geducht bestel, met roem en eer bestieren."
"Gij," zal hij zeggen, "zijt mijn Vader en mijn God,
De rotssteen van mijn heil" "'k Zal hem ook stellen tot
Een eerstgeboren zoon, door al zijn broeders t' eren.
Als koning zal hij zelf de koningen regeren;
Mijn goedertierenheid zijn rijkstroon eeuwig stijven,
En Mijn gemaakt verbond met hem bestendig blijven."
"Ik zal de heerschappij doen duren bij zijn zaad,
Zolang de hemel zelf op vaste pijlers staat.
Maar zo zijn kinders ooit Mijn zuivre wet verlaten,
Zo 't richtsnoer van Mijn recht ter reegling niet kan baten,
Zo zij ontheiligen, wat Ik heb voorgeschreven,
Dan mogen zij gewis voor Mijne straffen beven!"
"Dan zal Ik hen, die dwaas of wreevlig overtreen,
Bezoeken met de roe en bittre tegenheen;
Doch over hem Mijn gunst en goedheid nooit doen enden.
Niet feilen in Mijn trouw, noch Mijn verbond ooit schenden.
'k Zal nooit herroepen 't geen Ik eenmaal heb gesproken,
't Geen uit Mijn lippen ging, blijft vast en onverbroken."
"'k Heb eens gezworen bij Mijn eigen heiligheid;
Zo Ik aan David lieg', zo hem Mijn woord misleid';
Zijn zaad zal eeuwig zijn; zijn troon zal heerlijk pralen,
Zo duurzaam als de zon, zo glansrijk als haar stralen;
Bevestigd als de maan; en aan des hemels bogen,
Staat Mijn getuige trouw te schittren in elks ogen."
Maar ach, mijn God, waar blijkt Uw trouw nu, waar Uw eer?
Gij stoot en werpt, vergramd, thans uw Gezalfde neer.
Gij schijnt niet van 't verbond met Uwen knecht te weten,
Zijn kroon, ontheiligd, ligt ter aarde neergesmeten;
Zijn sterke muren zijn door 's vijands macht verbroken,
Zijn vestingen verwoest en in het stof gedoken.
Hij is door elk beroofd, den nabuur tot een smaad.
Gij hebt de rechterhand verhoogd van die hem haat;
Gij deedt den vijand in zijn rampspoed zich verblijden;
Zijn zwaard ligt om, 't is stomp, en nutteloos in 't strijden;
Gij doet hem, vol van schrik, van 't bloedig slagveld vluchten
En onder 's vijands juk, van U verlaten, zuchten.
Zijn schoonheid is vergaan; zijn troon ligt neergestort;
De dagen zijner jeugd zijn door Uw hand verkort,
Met schaamt' is hij bedekt, elk kan hem straffloos tergen?
Hoe lang, getrouwe God, zult Gij U steeds verbergen?
Zal dan Uw grimmigheid, die niemand af kan keren,
Gelijk een brandend vuur, 't verdrukte volk verteren?
Gedenk, o Heer', hoe zwak ik ben, hoe kort van duur.
Het leven is een damp, de dood wenkt ieder uur;
Zou 't mensdom dan vergeefs op aarde zijn geschapen?
Wie leeft er, die den slaap des doods niet eens zal slapen?
Wie redt zijn ziel van 't graf? Ai, help ons, als tevoren,
Gelijk Gij bij Uw trouw aan David hebt gezworen.
Gedenk den smaad, dien elk van Uwe knechten lijdt,
Waarmee elk machtig volk mijn bang gemoed doorsnijdt;
Den smaad, o Heer', waarmee Uw haters ons beladen,
Waarmede zij den gang van Uw Gezalfde smaden.
Gij immers wilt of zult nooit onze hoop beschamen;
Den Heer' zij eeuwig lof en elk zegg': "Amen, Amen!"

Bron: Psalm 89 J.E. Voet


Pt 422/Ps 89 My Mouth Shall Sing for Aye / naar Psalm 89 - Psalter 422
Wij loven U, o God, wij prijzen Uwe naam / Ahasverus van den Berg (1733-1807) - TZ109,UM3,W476
Ik heb slechts n houvast (HC zondag 1) / H. van 't Veld - W366



Z 8 Morgenzang / H. Ghijzen - MZ
Ps 119 Welzalig zijn d' oprechten van gemoed / J.E. Voet - Psalm 119
Ps 80 Neem Isrels Herder, neem ter oren / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 80
Ps 148 Looft God, zingt eeuwig 's Heeren lof / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 148
Z12 Avondzang / H. Ghijsen - AZ
Ps 149 Looft, looft den Heer', dien onbedwongen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 149
Ps 49 Gij, volken, hoort; waar g' in de wereld woont / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 49
Ps 59 Red mij, o God, uit 's vijands handen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 59
Ps 46 God is een toevlucht voor de Zijnen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 46
Ps 134 Looft, looft nu aller heren Heer' / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 134
Ps 93 De Heer' regeert; de hoogste Majesteit / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 93
Ps 133 Ai, ziet, hoe goed, hoe lieflijk is 't, dat zonen / J.E. Voet - Psalm 133
Ps 38 Groot en eeuwig Opperwezen / J.E. Voet - Psalm 38
Ps 139 Niets is, o Oppermajesteit / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 139
Ps 124 Dat Israel nu zegge, blij van geest / J.E. Voet - Psalm 124
Ps 14 De trotse dwaas zegt in zijn boos gemoed / J.E. Voet - Psalm 14
Ps 57 Gena, o God, gena, hoor mijn gebeen / J.E. Voet - Psalm 57
Ps 92 Laat ons den rustdag wijden / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 92
Ps 74 Waarom, o God, zijn wij in eeuwigheid / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 74
Ps 6 O Heer', Gij zijt weldadig / J.E. Voet - Psalm 6
Ps 54 O God, verlos mij uit den nood / J.E. Voet - Psalm 54
Ps 26 O Heer', doe Gij mij recht. / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 26
Ps 41 Welzalig hij, die zich verstandig draagt / J.E. Voet - Psalm 41
Z 6 Twaalf Artikelen / J.E. Voet - TA
Ps 100 Juich aarde, juich alom den Heer' / H. Ghijsen - Psalm 100
Ps 140 O Heer', verlos mij uit de banden / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 140
Ps 78 Neem, o mijn volk, neem mijne leer ter oren / J.E. Voet - Psalm 78
Ps 68 De Heer' zal opstaan tot den strijd / J.E. Voet - Psalm 68
Ps 83 Zwijg niet, o God, houd U niet doof / J.E. Voet - Psalm 83
Ps 25 'k Hef mijn ziel, o God der goden / J.E. Voet - Psalm 25
Ps 63 O God, Gij zijt mijn toeverlaat / J.E. Voet - Psalm 63
Ps 39 Ik zei: "Nu zal ik letten op mijn paan / J.E. Voet - Psalm 39
Z 3 Lofzang van Zacharias / Laus Deo, Salus Populo - LvZ
Ps 42 't Hijgend hert, der jacht ontkomen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 42
Ps 66 Juich, aarde, juich met blijde galmen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 66
Z10 Bedezang voor het eten / H. Ghijsen - BvE
Ps 91 Hij, die op Gods bescherming wacht / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 91
Ps 82 In d' achtbre Godsvergaderingen / H. Ghijsen - Psalm 82
Ps 120 'k Riep tot den Oorsprong aller dingen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 120
Ps 97 God heerst als Opperheer / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 97
Ps 135 Prijst den Naam van uwen God / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 135
Ps 94 Verschijn nu blinkend, God der wrake / J.E. Voet - Psalm 94
Ps 103 Loof, loof den Heer', mijn ziel / J.E. Voet - Psalm 103
Ps 7 O Heer', mijn God, volzalig Wezen / J.E. Voet - Psalm 7
Ps 45 Mijn hart, vervuld met heilbespiegelingen / J.E. Voet - Psalm 45
Ps 96 Zingt, zingt een nieuw gezang den Heere / J.E. Voet - Psalm 96
Ps 13 Hoe lang, o Heer', mijn toeverlaat / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 13
Ps 62 Mijn ziel is immers stil tot God / J.E. Voet - Psalm 62
Ps 12 Behoud, o Heer', wil ons te hulpe komen / J.E. Voet - Psalm 12
Ps 4 Wil mij, wanneer ik roep, verhoren / H. Ghijsen - Psalm 4
Ps 123 Ik hef tot U, die in den hemel zit / H. Ghijsen - Psalm 123
Ps 27 God is mijn licht, mijn heil, wien zou ik vrezen? / J.E. Voet - Psalm 27
Ps 22 Mijn God, mijn God, waarom verlaat Gij mij / J.E. Voet - Psalm 22
Ps 98 Zingt, zingt een nieuw gezang den Heere / J.E. Voet - Psalm 98
Ps 86 Neig, o Heer', Uw gunstig' oren / J.E. Voet - Psalm 86
Ps 61 Wil, o God, mijn bede horen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 61
Ps 31 Op U betrouw ik, Heer' der heren / J.E. Voet - Psalm 31
Ps 129 Men heeft mij fel benauwd van jongs af aan / J.E. Voet - Psalm 129
Ps 34 Ik loof den Heer', mijn God / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 34
Ps 9 Ik zal met al mijn hart den Heer' / J.E. Voet - Psalm 9
Ps 109 O God, zo waardig mijn gezangen / J.E. Voet - Psalm 109
Ps 131 Mijn hart verheft zich niet, o Heer' / J.E. Voet - Psalm 131
Ps 95 Komt, laat ons samen Isrels Heer / J.E. Voet - Psalm 95
Ps 23 De God des heils wil mij ten Herder wezen. / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 23
Ps 81 Zingt nu blij te moe / J.E. Voet - Psalm 81
Ps 116 God heb ik lief / J.E. Voet - Psalm 116
Ps 10 Waarom, o Heer', blijft Gij van verre staan? / J.E. Voet - Psalm 10
Z 1 Mijn ziel, herdenk met heilig beven / J.E. Voet - TG
Ps 127 Vergeefs op bouwen toegelegd / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 127
Ps 44 O God, wij mochten met onz' oren / J.E. Voet - Psalm 44
Ps 64 't Behaag' U, mij gehoor te geven / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 64
Ps 8 Heer', onze Heer, grootmachtig Opperwezen / J.E. Voet - Psalm 8
Ps 3 Hoe vreeslijk groeit, o God / J.E. Voet - Psalm 3
Ps 16 Bewaar mij toch, o alvermogend God / J.E. Voet - Psalm 16
Ps 32 Welzalig hij, wiens zonden zijn vergeven / J.E. Voet - Psalm 32
Ps 67 D' algoede God zij ons genadig / H. Ghijsen - Psalm 67
Z13 Eigen geschrift Davids / Abraham van der Meer - EgD
Ps 138 'k Zal met mijn ganse hart Uw eer / J.E. Voet - Psalm 138
Ps 147 Laat 's Heeren lof ten hemel rijzen / J.E. Voet - Psalm 147
Ps 104 Waak op, mijn ziel, loof d' Oppermajesteit / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 104
Ps 88 O God mijns heils, mijn toeverlaat / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 88
Ps 52 Waartoe u dus beroemd in 't kwade / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 52
Ps 58 O, gij vergadering, gezeten / J.E. Voet - Psalm 58
Ps 115 Niet ons, o Heer', niet ons, Uw Naam alleen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 115
Ps 77 Mijn geroep, uit angst en vrezen / J.E. Voet - Psalm 77
Ps 35 Twist met mijn twisters, hemelheer / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 35
Z11 Dankzang na het eten / H. Ghijsen - DnE
Ps 73 Ja waarlijk, God is Isrel goed / J.E. Voet - Psalm 73
Ps 50 Der goden God verheft Zijn stem met macht / J.E. Voet - Psalm 50
Ps 51 Gena, o God, gena, hoor mijn gebed / J.E. Voet - Psalm 51
Ps 18 'k Betrouw op God, Hij is mijn schild in 't strijden / J.E. Voet - Psalm 18
Ps 114 Toen Israel 't Egyptisch rijksgebied / J.E. Voet - Psalm 114
Ps 132 Gedenk aan David, aan zijn leed / J.E. Voet - Psalm 132
Ps 76 God is bekend bij Judas stam / J.E. Voet - Psalm 76
Ps 40 'k Heb lang den Heer' in mijnen druk verwacht / J.E. Voet - Psalm 40
Ps 121 'k Sla d' ogen naar 't gebergte heen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 121
Ps 112 Zingt, zingt den lof van 't Opperwezen / J.E. Voet - Psalm 112
Ps 146 Prijs den Heer' met blijde galmen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 146
Ps 150 Looft God, looft zijn Naam alom / H. Ghijsen - Psalm 150
Ps 33 Zingt vrolijk, heft de stem naar boven / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 33
Ps 21 O Heer', de Koning is verheugd / J.E. Voet - Psalm 21
Ps 84 Hoe lieflijk, hoe vol heilgenot / J.E. Voet - Psalm 84
Ps 145 O God, mijn God, Gij aller vorsten Heer' / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 145
Ps 144 Gezegend zij de Heer', die t' allen tijde / J.E. Voet - Psalm 144
Ps 102 Hoor, o Heer', verhoor mijn smeken / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 102
Ps 101 'k Zal van de deugd der milde goedheid zingen / J.E. Voet - Psalm 101
Ps 87 Zijn grondslag, zijn onwrikbre vastigheden / J.E. Voet - Psalm 87
Ps 107 Looft, looft den Heer' gestadig / J.E. Voet - Psalm 107
Ps 113 Gij 's Heeren knechten, looft den Heer' / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 113
Ps 108 Mijn hart, o Hemelmajesteit / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 108
Ps 1 Welzalig hij, die in der bozen raad / J.E. Voet - Psalm 1
Ps 106 Looft God, den trouwen Opperheer / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 106
Ps 85 Gij hebt Uw land, o Heer', die gunst betoond / J.E. Voet - Psalm 85
Ps 136 Looft den Heer', want Hij is goed / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 136
Ps 19 Het ruime hemelrond / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 19
Ps 122 Ik ben verblijd, wanneer men mij / H. Ghijsen - Psalm 122
Ps 11 Op God alleen betrouw ik in mijn noden / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 11
Ps 15 Wie zal verkeren, grote God / J.E. Voet - Psalm 15
Ps 24 Al d' aard' en alles wat zij geeft / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 24
Ps 28 Ik roep tot U, o eeuwig Wezen! / J.E. Voet - Psalm 28
Ps 55 O God, neem mijn gebed ter oren / J.E. Voet - Psalm 55
Ps 141 'k Roep, Heer', in angst tot U gevloden / J.E. Voet - Psalm 141
Ps 17 't Behaag' U, Heer', naar mijn gebed / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 17
Ps 36 Het trots gedrag des bozen doet / J.E. Voet - Psalm 36
Ps 105 Looft, looft, verheugd den Heer' der heren; / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 105
Ps 29 Aardse machten, looft den Heer'! / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 29
Ps 47 Juicht, o volken, juicht / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 47
Ps 71 'k Betrouw op U, hoor mijn gebeden / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 71
Ps 75 U alleen, U loven wij / H. Ghijsen - Psalm 75
Ps 48 De Heer' is groot; elk zing' Zijn lof / J.E. Voet - Psalm 48
Ps 143 O Heer, wil mijn gebeden horen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 143
Ps 56 Gena, o God, bescherm mij door Uw hand / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 56
Ps 111 Looft, Hallelujah, looft den Heer' / J.E. Voet - Psalm 111
Ps 125 Hij zal noch wanklen, noch bezwijken / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 125
Ps 126 Wanneer de Heer', uit 's vijands macht / H. Ghijsen - Psalm 126
Ps 118 Laat ieder 's Heeren goedheid loven / J.E. Voet - Psalm 118
Ps 137 Wij zaten neer, wij weenden langs de zomen / J.E. Voet - Psalm 137
Ps 69 O God, verlos en red mij uit den nood / J.E. Voet - Psalm 69
Ps 60 O God, hoe hebben wij getreurd / J.E. Voet - Psalm 60
Ps 117 Loof, loof den Heer', gij heidendom / J.E. Voet - Psalm 117
Z 4 Lofzang van Simeon / Laus Deo, Salus Populo - LvS
Ps 72 Geef, Heer', den Koning Uwe rechten / J.E. Voet - Psalm 72
Ps 128 U mag men zalig heten / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 128
Ps 70 Daal haastig ter verlossing neer / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 70
Ps 53 De trotse dwaas zegt in zijn boos gemoed / J.E. Voet - Psalm 53
Z 5 Gebed des Heeren / J.E. Voet - GdH
Ps 5 Neem, Heer', mijn bange klacht ter oren / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 5
Ps 79 Getrouwe God, de heidnen zijn gekomen / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 79
Ps 65 De lofzang klimt uit Sions zalen / J.E. Voet - Psalm 65
Z 7 Bedezang voor de predikatie / H. Ghijsen - BvP
Z 2 Lofzang van Maria / J.E. Voet - LvM
Ps 20 Dat op uw klacht de hemel scheure / J.E. Voet - Psalm 20
Ps 2 Wat drift beheerst het woedend heidendom / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 2
Ps 130 Uit diepten van ellenden / H. Ghijsen - Psalm 130
Ps 30 Ik zal met hart en mond, o Heer' / J.E. Voet - Psalm 30
Ps 43 Geduchte God, hoor mijn gebeden / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 43
Ps 37 Wees over 't heil der bozen niet ontstoken; / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 37
Ps 142 'k Riep tot den Heer' met luider stem / J.E. Voet - Psalm 142
Ps 110 Dus heeft de Heer' tot mijnen Heer' gesproken / J.E. Voet - Psalm 110
Ps 90 Gij zijt, o Heer', van d' allervroegste jaren / Laus Deo, Salus Populo - Psalm 90
Ps 99 God, de Heer', regeert / J.E. Voet - Psalm 99



Deze site is nog in ontwikkeling, commentaar en suggesties zijn zeer welkom!
Stuur gerust een e-mail om andere gezangen aan te vragen.

Over Gezangboek.nl

Contact