Op 't geluid der hemelkoren

Voorspel + 2+1 verzen


H.J. Gauntlett (1805-1876)

H.J. Gauntlett (1805-1876)


Op 't geluid der hemelkoren,
op 't gelei van Jacobs ster,
dat wij 't Kindeke, ons geboren,
biddend naadíren, schoon van ver!
Gods- en Mensenzoon te zaam,
WONDERLIJK! dat is Zijn naam!
In die nederige woning
ligt, van zichtíbre glans ontbloot,
Gods Gezalfde, Sions Koning,
de Eťngeboorne in 's Vaders schoot!
Die van ouds genaamd werd RAAD,
't Woord, door Wie de wereld staat!
Laat ons blijde, maar met beven,
lof en prijs, en hulde biÍn
aan die Zoon, van God gegeven,
arm en klein, op moeders kniÍn! Ė
want Zijn hand bestiert ons lot,
en Zijn Naam is STERKE GOD!
In de tijd werd Hij geboren,
aan Zijn eigen woord getrouw;
de Eerstgeboren, de Uitverkoren,
als 't beloofde Zaad der vrouw
aan de vaadíren toegezeid,
VADER, Zelf, DER EEUWIGHEID.
Eeuwig moet dat Kind regeren,
Spruit en Hoofd van Davids huis!
Alles zal Hij overheren
door de zwakheid van een kruis!
Schoon Hij aanstoot brengt, en 't zwaard,
VREDEKONING toch op de aard!
Wonderlijke! Raad! Almachtig!
Eeuwenvader! Vredeheer!
aan de nacht des heils gedachtig,
vallen we in aanbidding neer
voor de Meester van 't heelal
in de Bethlehemse stal!

Bron: SZ7 Isašc da Costa (1798-1860)


Once in royal David's city / C.F. Alexander (1818-1895) - UM38
In de stad van koning David / C.F. Alexander (1818-1895), H. van 't Veld (1932) - UM37



Deze site is nog in ontwikkeling, commentaar en suggesties zijn zeer welkom!
Stuur gerust een e-mail om andere gezangen aan te vragen.

Over Gezangboek.nl

Contact