Beveel gerust uw wegen

Voorspel + 2+1 verzen









Beveel gerust uw wegen,
al wat u ít harte deert,
der trouwe hoede en zegen
van Hem, die ít al regeert:
Die wolken, lucht en winden
wijst spoor en loop en baan,
Zal ook wel wegen vinden,
waarlangs uw voet kan gaan.
Den Heer' moet gij vertrouwen,
begeert gij de uitkomst goed;
Op Hem uw hope bouwen,
zal ít slagen, wat gij doet;
Door uw bekommeringen,
uw klagen in uw pijn,
laat God zich niets ontwringen,
Hij wil gebeden zijn.
Uw trouw en Uw genade
o Vader! weet zů goed,
wat nut is of tot schade,
van sterflijk vlees en bloed;
en hebt Ge'iets uitgelezen,
dat werkt Ge'o sterke Held!
En brengt in stand en wezen,
wat Ge U hebt voorgesteld!
Eení weg hebt Ge allerwegen!
Geen middel dat U faalt!
Uw doen is louter zegen,
Uw gang met licht bestraald.
Uw werk kan niemand hindíren,
ít blijft rustloos voorwaarts spoÍn,
als Gij, wat voor Uw kindíren
het heilzaamst is, wilt doen.
Schoon alle duivels kwamen
om God te wederstaan;
geen helse macht te samen
doet God teruggegaan.
Wat Hij heeft voorgenomen,
hoe lang ook d'uitkomst draalt,
dat moet toch eindílijk komen
aan ít doel, door Hem bepaald.
O arme ziel, blijf hopen!
Blijf hopen onverzaagd;
Al spert zich d'afgrond open,
schoon u de kommer plaagt;
God rukt u uit die zorgen,
verwacht alleen Gods tijd,
en eerlang rijst de morgen,
wiens licht uw ziel verblijdt.
Schep moed! zeg aan uw smarte
en zorgen: goede nacht!
Laat varen, wat uw harte
in onrust heeft gebracht!
gij wilt toch niet regeren,
als een, die alles kent;
God staat als Heer' der heeren
aan ít hoofd van ít regement.
Laat Hem besturen, waken!
ít is wijsheid wat Hij doet;
Hij zal zů alles maken,
dat ge'u verwondíren moet,
als Hij, die alle macht heeft,
met wonderbaar beleid,
geheel het werk volbracht heeft,
waarom uw oog thans schreit.
Wel kan zijn hulp vertragen,
en ít schijnt soms in den nacht,
alsof geen licht zal dagen,
alsof geen troost u wacht.
Als ging Hij u begeven;
wel kunnen op uw pad
gevaren u omzweven,
alsof u God vergat.
Maar zo uw trouw mag blijken,
zo gij Gods wil betracht,
dan doet Hij dí onspoed wijken,
ligt als gij ít minst verwacht;
Hij zal uw hart bevrijden
van dí opgelegden last,
houdt gij slechts onder ít lijden
aan God en godsvrucht vast.
Wel u, gij kind der trouwe!
ge'ontvangt dan vůůr Gods troon,
aan díeindpaal van uw rouwe,
uw overwinningskroon.
God zelf reikt u de palmen,
in uwe rechterhand,
en gij zingt vreugdepsalmen
in ít hemels Vaderland!
Hoor onze smeekgebeden!
Heer'! red uit allen nood!
Sterk onze wankíle schreden,
en leer ons, tot den dood
op Uwe hoed' en zegen
vertrouwen, vroom van zin;
zo voeren onze wegen,
gewis ten Hemel in!

J.G. Bastiaans (1812-1875) Bron: UM210,LB427 P. Gerhardt (1607-1676), B. ter Haar (1806-1880)

Heeft u opmerkingen over de tekst, het tempo of de toonhoogte?
Wilt u het me laten weten als u vaak een ander tempo kiest dan 100%?
Ik kan namelijk vrij eenvoudig het 'standaard' tempo wijzigen.
Deze site is nog in ontwikkeling, commentaar is zeer welkom op: ga.van.ginkel@gmail.com
Stuur gerust een e-mail om andere gezangen aan te vragen.